Verbaal Redeneren Handleidingen
Begrijpen van woordrelaties en analogisch redeneren
Analogiestructuur
Het A:B::C:D-formaat begrijpen en parallelle relaties herkennen.
Handleidingen bekijken →Synonieme Relatie
Woorden met dezelfde of vergelijkbare betekenis.
Handleidingen bekijken →Antoniemrelatie
Woorden met tegengestelde betekenissen.
Handleidingen bekijken →Categorierelatie
Een specifiek item behoort tot een bredere categorie of klasse.
Handleidingen bekijken →Deel-Geheelrelatie
Iets is een onderdeel of deel van iets groters.
Handleidingen bekijken →Graad-/Intensiteitsrelatie
Een woord vertegenwoordigt een sterkere of zwakkere vorm van hetzelfde concept.
Handleidingen bekijken →Functie-/Doelrelatie
Een object is verbonden met waarvoor het wordt gebruikt of zijn belangrijkste doel.
Handleidingen bekijken →Oorzaak-Gevolgrelatie
Het ene leidt tot, produceert of resulteert in het andere.
Handleidingen bekijken →Sequentiële/Temporele Relatie
Iets komt voor of na iets anders in tijd of logische volgorde.
Handleidingen bekijken →Symbolische Relatie
Iets vertegenwoordigt of symboliseert een abstract concept.
Handleidingen bekijken →Grammaticale Relatie
Woorden verbonden door grammaticale transformatie of woordvormveranderingen.
Handleidingen bekijken →Vreemde Eend
Het enige item in een groep herkennen dat de gedeelde eigenschap mist.
Handleidingen bekijken →Gereedschap-Product-Relatie
Eén woord benoemt een gereedschap, het andere wat het gereedschap creëert of waarop het inwerkt.
Handleidingen bekijken →Werker-Werkplek-Relatie
Eén woord benoemt een persoon op basis van rol, het andere de plek waar die rol wordt uitgevoerd.
Handleidingen bekijken →